zaterdag 25 oktober 2008

Notenkraker Horst, Graszangers in Beugen!

Op 23 oktober wordt ten zuidoosten van Horst een Notenkraker gemeld via Waarneming.nl. De plek is niet exact bekend, maar de waarneming, mét foto gepubliceerd, zorgt er voor dat de volgende dag mensen gaan zoeken, waaronder Geert Lamers. En inderdaad na een flinke zoektocht de vogel weer vinden langs de Sint Jorisweg. Zelf ging ik het vandaag proberen met Hennie Reijnen. Op weg erheen heb ik contact met Rob Voesten die er al is en krijg te horen dat de vogel nog niet is gevonden. Er wordt nog druk gezocht, maar vlak voor we aankomen krijg ik het verlossende telefoontje: hij zit er nog! Als we in de buurt zijn loodst Rob ons naar de plek, een zijpaadje langs de Sint Jorisweg, en als we even later aan komen lopen kunnen we gelijk aanschuiven. Vlak langs een landweggetje zit een schitterende Notenkraker zich tegoed te doen aan wat lijkt larven, op slechts een paar meter afstand. Even lijkt het mis te gaan wanneer een hond van een passerende wandelaar een uitval doet naar de vogel, maar het gaat goed. De vogel komt boven onze hoofden in een eik zitten en is niet bepaald schuw. Even later vliegt ie terug en gaat verder met waar hij mee bezig was. Als je op de foto rechts goed kijkt, dan zie je de vogel in het gras zitten onder het dunne en dikke paaltje bijelkaar! Na een schitterende show op een weidepaal vliegt de vogel op en vertrekt.

Later blijkt dat de vogel een soort ritme heeft, waarin hij telkens een drietal plekjes in de (ruime) omgeving bezoekt om te foerageren. Zodra de vogelaars dit doorhadden werd het vinden van de vogel een stuk makkelijker!

Op de terugweg besluiten we nog even langs Startwijk bij Beugen te gaan. Op dit bouwterrein vol ruigte werd eerder dit najaar een Graszanger ontdekt, een regionaal erg goede soort, maar nu al een tijdje uit beeld was. Terwijl we door het veld lopen vliegen Putters, Graspiepers, Veldleeuweriken en Patrijzen om ons heen. Bij het inmiddels bekende zandpaadje 'met bouwkeet' hoor ik een roepje wat ik wel ken en hier eerder heb gehoord: verrek, dat is de Graszanger! Tot grote verbazing van Hennie en mij zien we de roepende vogel achter een soortgelijk vogeltje door de ruigte aanvliegen. Zitten er nu gewoon twee! De twee vliegen regelmatig laag over de vegetatie achter elkaar aan en laten zich af en toe leuk bekijken. Het mannetje laat een paar keer z'n zang horen en nadat ik de waarneming heb doorgebeld gaan wij er ook vandoor.

dinsdag 3 juni 2008

Vogelen op Helgoland 29 mei tot 3 juni: fotoimpressie

Donderdag 29 mei vertrokken we om half vijf 's ochtends met twaalf mensen vanuit Nijmegen naar Willemshaven in NoordDuitsland, om de boot van negen uur te kunnen halen. De duitse autobanen waren lekker leeg, we konden dan ook stevig doorrijden. Ruim op tijd kwamen we in de haven aan en parkeerden de auto op de parkeerplaats. In colonne met volle bepakking op naar de boot. Er viel nog niet veel te zien in de haven, slechts een enkele Visdief hing er rond en op een paal zat een Geelpootmeeuw.

Vanaf de boot was er over land schitterende Wespendieventrek te zien. Niet alleen over land, ook laag over het water ging het noordwaarts. Na flinke tijd varen kwam land in zicht. Als een blok doemde Helgoland op en niet veel later liepen we door de controle het taxfree eiland op. Het barste van de toeristen die al dan niet voor langere tijd op het eiland verbleven. Rustig slenterend liepen we naar de jeugdherberg waar we zouden verblijven. In de struwelen voor de herberg hoorden we al Roodmussen en zagen we Grauwe Klauwieren. Na de kamerverdeling werden in de tuin de telefoonnummers met elkaar uitgewisseld, mocht iemand iets leuks ontdekken, dan konden we elkaar zo snel als mogelijk op de hoogte stellen. Daarna ging het in kleine groepjes het eiland op. Er leken behoorlijk wat zangvogels gearriveerd te zijn. Overal zaten Grauwe Vliegenvangers en ander klein spul. Samen met Roy Slaterus liep ik langs enkele bosjes naast een sportveld. Vrijwel gelijktijdig zien Roy en ik een dikproppige zangvogel wegschieten. Roy is snel met determineren, ik had geen eerdere veldervaring met deze soort: Sperwergrasmus! De vogel liet zich even leuk bekijken en gelijk werd gebruik gemaakt van de telefoonnummers. Helaas kwam de rest van de groep te laat, de vogel liet zich niet meer zien. Niet veel later vliegt een vogeltje langs met witte zijstaart: Kleine Vliegenvanger! Ik zie de vogel ook nog kort vliegen, de zoekacties daarna leveren voor de tweede keer niet op waar we op hoopten.

Hieronder een fotoimpressie van het eiland, de rest van het verhaal komt snel


Bosjes aan de noordwestkant van het eiland











Ook de 'gemeentewerf' werd 'geklopt' op vogels












Het 'Mittel' ligt aan de zuidoosthoek. Deze met struiken begroeide vlakte is interessant voor aankomende trekvogels, die vermoeid invallen.












Impressie vanaf boven op het 'Mittel' en een stuk haventerrein













In de haven kun je onverwachte soorten tegen komen. Op het eind van onze trip werd achterin de haven een adult zomerkleed Zwarte Zeekoet door één van onze mensen ontdekt.













Op allerlei plekjes in de haven werd gezocht, zoals rond deze blokken, waar klein spul verbleef










Het Bovenland bestaat uit nog een deel van het dorp, het vogelringstation en de vuurtoren














Voor de rest is het een heuvelachtige vlakte met wat bosjes hier en daar













Wel heb je mooi overzicht over een kolonie Jan van Genten en Drieteenmeeuwen met daartussen Zeekoeten, Alken, Noordse Stormvogels.


















Van dichtbij kun je naar broedende Jan van Genten kijken


zondag 18 mei 2008

Amerikaanse Goudplevier in de Prunjepolder

In de Prunjepolder in Zeeland is 17 mei een schitterende adult zomerkleed Amerikaanse Goudplevier ontdekt door Mark Hoekstein. Samen met Jos van Oostveen rij ik 18 mei dan ook die kant op. Het is opvallend rustig aan de dijk. Blijkbaar heeft 'iedereen' de soort al. We zijn de enigen.

Als we aan de Delingsedyk aankomen is het ongelovelijk maar waar: de enige, werkelijk waar, énige vogel die vlak voor ons loopt blijkt de goudplevier te zien! Compleet verbluft door deze simpele twitch settelen we ons op de dijk en nemen lekker de tijd om de vogel te bekijken. Hij scharrelt op de typische plevierenmanier langs de rand van het water, en laat zich van alle kanten mooi bekijken.

In dezelfde Prunje zien we ook de al tijden aanwezige Zwarte Rotgans in een klein groepje Rotganzen. Een Strandplevier is een gave aanvulling op m'n jaarlijst, echt makkelijk zijn ze niet altijd. Verder hangen er een Kleine Zilverreiger, Kanoeten, Lepelaars, Steenlopers, Bontbekplevieren en andere soorten rond.

Bij het Breedewater in het Voornes Duin, redelijk 'in de buurt' zit sinds een paar dagen een Noordse Nachtegaal. Jos en ik rijden dan ook nog even die kant op. In een schitterend duingebied moeten we eerst een flink eind wandelen voor we op de bewuste plek komen. De route erheen is dan wel weer makelijk. Waar we op een gegeven moment rechts een klein paadje in moeten, wordt dit aangegeven door een plastic zakje, welke aan een hek is geknoopt. Ondanks lange tijd wachten horen we geen Noordse. Wel een gewone Nachtegaal en twee Goudvinken. Ik maak nog wat foto's van libellen, wat Azuurwaterjuffers blijken te zijn. Maar ja, dit is dan ook niet mijn sterkste soortgroep.









Een filmpje van mij van de Amerikaanse Goudplevier staat op Youtube:

donderdag 1 mei 2008

Waar zijn de mensen vandaag niet heen? Daar gaan wij heen!


Vandaag als een afstotende magneet zo ver mogelijk van Nijmegen-centrum ons werkgebied ingeslingerd, hopend op andere massa's dan de menselijke. Dus stond ik vanochtend met Jouke van der Zee bij het hek aan het Nieuwe Heerenven. Hier geen topdrukte, maar een bescheiden feestje met dertien Kemphanen, twee Kleine Plevieren, een zevental Groenpoten, een Nachtegaal en een Gekraagde Roodstaart. Een jagende Blauwe Kiekendief werd opgepikt boven het grote heideveld.Langs de Twistedenervenweg hoorden we onze eerste Wielewaal voor dit jaar. Een mannetje Goudvink en Bonte Vliegenvanger en enkele Gekraagde Roodstaarten zongen ons toe als waren we koningen, een overvliegende Appelvink had andere gedachten hierover. Een man Kleine Bonte Specht liet zich alleen horen. Bij het bramenveld een drietal Roodborsttapuiten, waarvan twee mannetjes elkaar niet echt konden verdragen. De eerste opstootjes vandaag.

Ook gebruikelijk op een dag als deze zijn telefoontjes als 'waar zit jij?'. Ik had de auto van Geert Lamers al zien staan, dus even peilen waar hij uit hing. Dat bleek in de buurt, maar we zouden net langs elkaar heen lopen. Een belletje later zorgde voor een afspraak op de trektelpost, hij met de auto er heen, Jouke en ik met de benenwagen. En dat was nog wel een wandeling, gelukkig werd deze opgeleukt met Zwarte Mees, Gekraagde Roodstaart en Bonte Vliegenvanger en in de buurt van de telpost een drietal prachtig volwassen mannetjes Tapuit. Jouke wilde deze digitaal vastleggen, zodat hij kruipend verder ging en ik de Dikkenberg opstiefelde. Geert was er al, en zowaar ook Paul Gnodde. Het enige wat goed noordwaarts trok was de wind. Na een tijd kwamen er een aantal roofvogels de lucht in, voornamelijk Buizerds. Een man Bruine Kiekendief trok juist zuidwaarts, een Zwarte Specht trok nergens heen, en stak alleen het heideveld over. De Blauwe Kiekendief lummelde rustig over het heideveld voor de berg, terwijl de Koekoek aangaf dat de tijd langzaam vooruit ging. Jouke wist tijdens het besluipen van de Tapuiten trouwens ook nog een man Paapje vast te leggen.

Na bij onze auto afgezet te zijn door Paul reden Jouke en ik naar het Eendenmeer op de Bergerheide, in de volle verwachting een leuke Geoorde Fuut te kunnen platen. Bij het ven aangekomen vlogen op een T-splitsing van paadjes een aantal vogels op, waaronder een smalle, kleine lijster met een duidelijke rugstreep. Draaihals! De vogel ging in een boompje zitten, maar alleen een paar kleuren en de typische houding waren zichtbaar. Jouke trachtte zo snel mogelijk zijn apparatuur in de aanslag te brengen, ondertussen verplaatste de vogel zich naar een den en ging iets onder de top zitten. Nu kreeg ik de vogel redelijk mooi in beeld. De bandering was goed zichtbaar. Ik wrong me in allerlei bochten om door de takken heen te kunnen kijken, langzaam en bedaard lopend, om even later dezelfde houding als de vogel aan te nemen: stil en bewegingsloos staarden we naar elkaar. Als ware het Beatrix (oké, twas leuk, mensen gezien, spelletje gedaan, snel door naar de volgende locatie) vloog de Draaihals naar een andere boom, waar we de vogel uit het oog verloren.Verbluft, beetje balend dat Jouke de vogel niet in vol ornaat had mogen zien, liepen we richting het watertje van de Geoorde Futen. En weer terug: rugzak vergeten, en weer verder.

Bij het ven geen fuutjes. Een paar Waterrallen gedroegen zich als een enthousiaste menigte en gilden er op los, een Blauwborst deed z'n voordracht. Een Wintertaling had zich verkleed en wij konden niet zo snel thuisbrengen waarin: de vogel leek een kruising tussen een man en een vrouw Wintertaling (groene oogstreep, bruin lijf), maar had ook een merkwaardige beige wangvlek. Kruising met het één of ander? Hierna togen we toch nog weer even naar de ontdekplek van Beatrix, maar ze was verder. Wel zat op een afstand een man Tapuit op een schraal heideveldje. Een tweede vraag die bleef hangen in ons hoofd was een raar lachend geluid vanuit het ven. Het klonk als een kruising tussen het hinniken van een Koekoek en een Dodaars, een soort traag lachende triller. We dachten aan de baltsroep van de Geoorde Fuut, maar moeten het antwoord schuldig blijven.Bij de Haart bij Beugen was blijkbaar wel alles de stad in gegaan: geen Noordse Kwikstaart of steltlopers. Een paar Gele Kwikstaarten, een twintigtal Witte en wat stoere mannen Grasmus zaten op het natte weiland en langs het pad. Twee Visdieven kwamen kijken of er op deze vrijmarkt nog wat te halen was, een IJsvogel riep vanuit een struik langs een beek. Hierna sloten Jouke en ik deze 30 april af als een gezellige, maar rustige feestdag.

maandag 31 maart 2008

IJsduiker Kijfwaard

Deze prachtige IJsduiker zwom al een tijd in de Kijfwaard, onderdeel van de Lobberdensche Waard in de Gelderse Poort. Samen met Jan Hartog ben ik uiteindelijk vandaag ook gaan kijken naar deze mirakels mooie zeevogel. Bij de grote recreatieplas De Bijland zagen we later drie prachtige Geoorde Futen in zomerkleed.



woensdag 5 maart 2008

Tussen regenbui en zonnestraal past altijd een leuk verhaal

Het plan van Jan Hartog en mij was wat 'verder' in het land op excursie te gaan. Verwachte weersverwachtingen doen ons anders besluiten en zo sluiten we rond half negen het autoportier bij de nieuwe afgravingen aan de Ewinkel bij de Kraaijenbergse Plassen. We worden vrolijk begroet door een zingende Tjiftjaf. Dat stemt ons gelijk zonnig en doet wensen naar meer zomervogels. So you wish...Niet veel later ('goh, een Kleine Plevier of zo zou leuk zijn'), wordt de aandacht getrokken door een vogel op een zandhoopje: Kleine Plevier! Volgens de fenologiestatistieken in ons waarnemingenscherm één der vroegste, zoniet dé vroegste tot heden in ons werkgebied. Een Tureluur vliegt fluitend over. Hoezo hagelbuien?
KBP-5 is akelig leeg. Een Brilduiker, drie Bergeenden, wat Kieviten en een paar Tafeleenden en Kuifeenden kruipen door het telescoopbeeld. Langs de Maas ten noorden van Linden foerageren zestig Wulpen op een wit achtergrondje van 21 Knobbelzwanen. Één van m'n weinige Kneuen dit voorjaar vliegt over. Via Gassel rijden we naar de Tongelaar. Op een akker langs de weg Broekkant hangt een groep van zo'n tien Veldleeuweriken rond. Twee ervan zingen biddend hun zomerhit, melodieus ondersteund door een zingende Geelgors. Zo'n veertig Kramsvogels tsjakken over het bos. Een korte stop op een bruggetje over de Lage Raam levert niet directe de gehoopte IJsvogel op. En net als je weg wil rijden: túúrlijk.
Langs de Uilweg bij het grindgat De Kuilen eerst één Geelgors op een ruige akker, later komen er nog zeven uit de bomen omlaag. Prachig die gele 'kupkes'! Alles moet natuurlijk op de vlucht voor drie overpendelende Buizerds. Via een kleine ingang aan de Valkweg wandelen we naar het grindgat. Het vrouwtje Topper is vlot gevonden in een klein groepje Kuif- en Tafeleenden, twee Scholeksters staan er voor op een pijpleiding en iets verder staan er nog eens twee op een vierkante plastic boei. Bij de eenden zwemt nog een merkwaardige eend, welke strak weigerde de kop uit de veren te doen. Ook als soms alles verschrikt de kop opricht, de eend was ver heen. Thuis laten vergelijkende foto's zien dat het toch de hier eerder door John van Zuijlen ontdekte Krooneend betrof. Aan de westkant van het grindgat trippelt een Oeverloper langs het water, bij een groep van acht Scholeksters kwikt een witte staart.
Het idee om naar de Ullingse Bergen te gaan laten we varen op het water welke later met bakken naar beneden komt. Onze redding, u leest zo waarom. Op de plas De Vilt bij Beugen zwemmen minimaal zes paar Fuut, drie Wintertalingen en een paartje Krakeend. Op een ondergelopen weiland bij De Haart lopen twee Scholeksters, twee Witte Kwikstaarten, vier Brandganzen en twee Bergeenden. Lange tijd geleden dat ik hier was geweest, maar wat een prachtplek!'De laatste keer dat we hier waren hadden we geen Klapekster', zeggen Jan en ik nog tegen elkaar. Ik ben de auto half uit, of ik zie 'm al boven in de top zitten bij de haagjes bij de Leemput van Milsbeek. Schitterend! Later vliegt de vogel meer rchting de zandput en voert hier een korte aanval uit op een Koolmees, die snel de dichte bosjes indook. De tweede Tjiftjaf voor vandaag zingt uitbundig tussen de meidoornbloesems, een groep Koperwieken zingt verderop uit volle borst. Twee Grote Lijsters doen mee vanaf een heideveldje langs de grens in het Reichswald. Dat gaat voortreffelijk!
Eindje wandelen dan maar op de Jansberg, lekker weertje er toch voor? En potverdriekacheltjes! Terwijl we net aan de Zwarteweg het bos zijn ingelopen zie ik een specht aan komen vliegen, de éérste specht. De vogel gaat net half achter een boom zitten, een roze broek is echter voldoende om naar Jan te juichen: 'Middelste bonte!' YES! Vlak daarna laat de vogel zich prachtig bekijken. Het, zo te zien, mannetje wordt behoorlijk getreiterd door twee Grote Bonte Spechten, wat er voor zorgt dat de vogel geheel vrij op zo'n meter boven de grond vlak voor ons komt zitten. Jan weet enkele platen te kieken en ik kan m'n geluk niet op. De derde Tjiftjaf voor vandaag zingt aan de noordkant van het bos.
We lopen een rondje langs de drie Bosvijvers in een atmosfeer van opvallende stilte, enkele Glanskoppen zingen uitbundig, daar blijft het bij. Elke specht wordt bekeken, elk klopje onderzocht. Aan de noordkant van de vijvers hoor ik een opvallend, maar zacht 'Kro'. Mmm, klinkt als Raaf. Zou ook een krakende boom geweest kunnen zijn. Tussen de boomkruinen door speur ik toch maar de lucht af. En daar vliegt ie! Een grote zwarte vogel met wigvormige staart flapt richting Reichswald, gevolgd door een tweede. Ik kan de vogels een tijd volgen en zie nog net hoe één van de vogels een prachtige stuitervlucht inzet, om daarna omlaag te duiken. Weer aanbeland op het bospaadje langs de Diepen ontwaren we een Grote Zilverreiger in een moerasig stukje in de Diepen, de andere kant levert tot onze verbazing weer de Middelste Bonte Specht op, nu zo'n 100m westelijker opgeschoven.

Met een grote grijns verlaten we het bos. In de hoop nog weer een glimp van de Raven op te vangen rijden we langs de Holleweg naar Groesbeek. De enige vogel die we in de lucht er uit pikken is een hoog noordwaarts glijdende Ooievaar. Via Kranenburg koersen we naar de Sint Hubertusweg bij Beek en draaien de Ooijpolder in. Langs de Persingensestraat weinig, langs de Kouwedijk een leuk aantal Kieviten, helaas zonder enig Goudplevier. Een deken van Kol- en Grauwe Ganzen ligt in de hoek Kruis-/Hezelstraat, niet veel later vindt een boer het nodig deze eens goed op te kloppen, zodat ook de veertig Brandganzen ertussen mee omhoog gaan. Een kekkerende man Havik vliegt door de Groenlanden.
De lucht betrekt nu behoorlijk serieus en onder dreiging van sneeuwwolken bekijken we bij de Oude Waal de slikplaten. Een groep Grutto's foerageert tussen de ruigte, alleen een overduidelijk baksteen rood en gestreepte Grutto iets verder gaat als IJslandse de notities in. Ik ben blij met m'n eerste twee werkgebied-Tureluurs vooraan, nog blijer word ik van het groepje van minimaal zes achteraan. Ze zitten ver weg, het exacte aantal is moeilijk vast te stellen. Een tiental meters rechts ervan waadt een Grote Zilverreiger door de hoge ruigte. Drie Watersnippen, toch weer die onvermijdelijke Kleine Rietgans, vele Pijlstaarten en Slobeenden en een leuk aantal Bergeenden vormen het einde van een geweldige, zonnige dag. Maar door het wegvallen van de zon wordt het nu wel vies koud op de dijk. Tijd om te gaan. En het zonnige humeur: dat gaat mee naar huis!

vrijdag 15 februari 2008

Dweilen met de Vuurgoudkraan open...

Vandaag een paar uurtjes rondgestruind in Heerlijkheid Beek bij, inderdaad, Beek(-Ubbergen). Ik kende het gebied al een beetje, maar na het mistige bezoek gisteren vandaag weer eens een goede kennismaking gemaakt. Via de ingang aan de Stollenberglaan het gebied ingegaan en dan gelijk de eerste rechts. Je komt dan, het pad volgend langs een grasveld, langs een dal aan je linkerhand. Het ziet er in het begin wat karig uit, qua mix van oude eiken en sparren. Verderop loop je wat meer halverwege het dal. Waar het pad een haakse bocht naar links maakt heb ik een hele tijd staan luisteren en kijken.En hoe langer je keek, hoe onvoorstelbaarder het werd: het miegelde van de Merels. Op het punt waar ik stond keek ik voor me uit tegen een helling op. En op die helling staan grote bomen, welke kon ik niet meer zien, want ze zaten vol Klimop. En tussen die Klimop zaten al die Merels. Een aantal van veertig/vijftig is voorzichtig geschat. Het waren bijna, hoe opvallend, ook allemaal mannetjes. En een drukte! Klimop in, klimop uit, achter elkaar aan naar de volgende boom. Prachtig. Zoveel Merels had ik nog nooit bij elkaar gezien. En het was nog niet klaar, want toen ik het pad later vervolgde bleef het maar aanhouden. Over een lengte van zo'n 100m bleef het een drukte op de helling.Even terug naar mijn stoppunt: hier zaten ook aardig wat mezen. Overal scharrelden Kool- en Pimpelmezen, een groep Staartmezen passeerde, Zwarte Mezen zongen, evenals een enkele Glanskop. Een Appelvink tikte over en Goudhanen hingen tot in de lage gazen afrastering langs het pad. Hier zag ik ook m'n eerste vier Vuurgoudhanen. Ze lieten zich van dichtbij bekijken en af en toe verraadden ze waar ze zaten door de zang. Heerlijk om naar die soms als een kolibrie hangende kleine propjes te kijken. Iets verder langs het pad zat een man Goudvink als lunch een partij bramen naar binnen te werken. Een groep van zo'n 60 Sijzen kwam langs, de ene Barmsijs was er makkelijk uit te pikken. In tegenstelling tot gister vandaag uitbundig 'slaande' Vinken, en ook flink meer.Achter een flat, langs het eerder genoemde grasveldje, hoorde ik m'n volgende Vuurgoudhaan, een zingend mannetje. Door de dichte struiken kon ik niet zien of er meer waren. Waar ik m'n fiets had geparkeerd, langs de laan bij de ingang, fladderden nog eens twee Vuurgoudhanen rond in de bramen en hoger in de Eiken. Overal zongen Zwarte Mezen, een paar Glanskoppen en tikten twee Grote Bonte Spechten hun maaltijd bij elkaar. Dat gaat lekker met die Vuurgoudhanen. Dus ik fiets de laan uit, sla rechtsaf de Stollenberglaan in en ga het volgende wandelpad aan de J.D. vanDommerveldtweg in. Op een open plek vrij aan het begin zitten weer Vuurgoudhanen. Eerst een paar. Het mannetje zingt er lustig op los en ze hangen wat rond in de struiken. Vanaf dit punt ontdek ik bij de ingang nog eens twee Vuurgoudhanen in de struiken bij een huis. Het Middelste Bonte Spechtenverhaaltje sla ik dit keer over: ik had er één, weer aan het begin van het wandelpad bij de weg Wyler. Vijf seconden nadat ik de vogel uit het oog verloor kwam Athol Burrill aan. Samen bekeken we de hoeveelheid Grote Bonte Spechten op dit kleine stukje onderwijl het bos 'tukte' van de Kepen.M'n tenen vonden het lange stilstaan in de kou wat minder prettig en begonnen te protesteren. Tijd om naar huis te gaan. Normaal fiets ik altijd langs het kerkhof aan de Kwakkenbergweg/Postweg in Nijmegen. Vandaag was weer eens tijd voor een bezoekje. Dat leverde vier Appelvinken, een groep Sijzen en (zingende) Groenlingen en twee Grote Bonte Spechten op.
Plus de twaalfde tot veertiende Vuurgoudhaan, bij elkaar scharrelend aan de rand van het kerkhof.